Woensdag


Het alarm om Jitskes mobiel gaat af. Niet lang daarna zal die van Rudi ook wel afgaan. Het liefst zou ik me nog een keer om willen draaien, maar vandaag hebben we een lange dag voor de boeg. Opstaan dan maar.
Ik hijs me snel in mijn kleren en zeul mijn spullen al vast naar beneden en dump ze in het schoenenhok en begin aan mijn ontbijt. Het duurt even voordat de rest ook aangeschoven is. Terwijl we aan het ontbijten zijn zie ik Helmut buiten in de weer met een sateliet-telefoon.

Als we rond half acht buiten staan wordt duidelijk waarom, Helmut is zijn zonnebril vergeten en zonder zonnebril heb je niks te zoeken op de gletsjer. Het spijt hem zeer dat we alweer op hem moeten wachten. Ik besluit om mijn schoenen nog maar eens opnieuw vast te veteren. Vanochtend doen ze me toch wel bijzonder veel pijn. Ik hoop dat het straks met het lopen weer verdwijnd. Daarnaast heb ik vanochtend ook mijn laatste ontstekingsremmer genomen. Hopelijk gaat het vandaag allemaal goed met de extra bepakking.
Ik kijk nog een keer naar mijn rugzak. Toch maar eens een keer kijken naar een 50 liter rugzak. 32 liter is toch wat aan de krappe kant. Gordels, stijgijzers, water en het touw bungelt aan de buitenkant. Rudy heeft het andere touw bij zich vandaag. Bij hem past het wel allemaal in zijn militaire rugzak. Timo heeft wel een nieuwe rugzak voor de cursus gekocht, deze is erg ruim maar hij is er nog niet helemaal uit hoe hij de rugzak moet aansnoeren. Ik probeer hem te helpen met de verschillende banden op de rugzak die op een voor ons onbegrijpelijke manier met elkaar verbondden zijn, maar toch op de een of andere manier niet strak willen trekken.

Terwijl we nog met de rugzak bezig zijn komt Helmut's vrouw met de jeep. Helmut loopt naar de auto en neemt de zonnebril aan. Een lid van de DAV (Deutsche Alpin Verein) gooit zijn rugzak achterin de auto op aanwijzen van Helmut. Daarna stapt hij voorin, Helmut neemt afscheid van zijn vrouw en de jeep vertrekt weer in de richting van Galtür. Dat is een dure zonnebril grapt Rudy naar Helmut. "Ja een dure fout!" geeft hij toe. Maar zonder pet en zonnebril moet je niet de bergen ingaan. En dat heeft hij geleerd uit ervaring. Ook Martijn heeft dat afgelopen maandag ervaren. Hij heeft een tijdlang zonder pet gelopen en had daar toch een lichte zonnesteek aan over gehouden waardoor hij maandag toch wat van de kaart was.
"En de jongen die instapte?" informeer ik. Dat was dus iemand van de DAV die medische hulp nodig had. Vandaar dat hij terug ging naar het dal om daar een dokter te bezoeken.


De groep is onderweg.

Timo loopt voorop. Dit stuk hebben we afgelopen maandag ook al gelopen. Iedereen groep loopt ontspannen, het tempo is niet te hoog. Ik heb nog wel wat last van mijn voeten, maar door wat met Helmut en Heidi te praten vergeet ik al snel de pijn en kom ik ook in een goed wandelritme. Heidi wijst me er op dat het weer een prachtige dat is en dat het een toch wel bijzonder mooie omgeving is. Dan valt haar onze schaduw op. Daar moet ze wel een paar foto's van maken. Ik verdrink in mijn eigen gedachten. Wat is dit toch ontzettend gaaf.
Als we wat later in de rotsvelden lopen komt Jitske naast me lopen. "Hoe voel je je vandaag?", vraagt ze. "Goed, hoezo?". "Ik bedoel hoe is het met je knie?" "Geen probleem tot dusver.", antwoord ik. Jitske heeft een tijdje in de buurt van Rudy gelopen en hij heeft het vandaag toch wel zwaar met de complete bepakking. Dus vraagt ze zich af als we straks aan touw moeten, of het dan goed is dat we Rudy's touw nemen. We schatten Rudy allebei in als iemand die niet snel toe zal geven dat hij problemen heeft. Maar nu ik zo omkijk zie ik ook dat hij toch wel erg achterop is gebleven.
"Omhoog is het voor mij geen probleem om het touw te dragen.", geef ik aan. "Als we afdalen dan neem ik het touw wel van je over hoor!", maakt Jitske duidelijk. "OK bij het afdalen kijken we wel even wat we doen." bevestig ik.
Ik Rudy even op en loop dan samen met hem een stuk op. Ik praat wat met hem. Rudy verteld me dat hij achterop was geraakt omdat hij zijn veters moest strikken. Hij geeft ook wel aan dat het wel zwaar is met alle bepakking zo.
Gelukkig voel ik me vandaag erg goed en fit. Ik ben benieuwd of dat met de afdaling straks nog het geval is. Ik maak wat foto's van het ruige landschap waar we nu overheen moeten. Voor ik er erg in heb komen we bij de rand van de gletsjer aan. Hier laat Helmut ons even rusten voordat we de stijgijzers onder moeten binden.
Als alle plasjes gepleegd zijn trekken we ook de gordel aan. Op die manier zijn we meteen klaar om aan touw te gaan wanneer dat nodig is.


Rudy is wat achterop geraakt met de zware bepakking, maar dat stelt hem wel in staat mooie foto's van de groep te maken.


Even pauzeren voordat de stijgijzers ondergebonden worden.


Dan verder op de Jamgletsjer

Eenmaal op de glestjer loop ik weer een stuk plezieriger. In het rotsveld is het ontzettend goed uitkijken dat je je niet verzwikt of verstapt. Op het ijs is dat toch minder een probleem. Dit alles natuurlijk dankzij de stijgijzers. Ik moet wel zeggen dat zo op de gletsjer het er toch anders uitziet dan vanaf een afstand. De gletsjer ligt bezaait met rotsblokken. Helmut verteld ons over de grote rotsblokken die ook wel tafelblokken genoemd worden. Deze kunnen gebruikt worden voor orientering bijvoorbeeld in de dichte mist. De zon laat deze blokken naar het zuiden toe smelten.
Na een tijdje staan we vlak onder de sneeuwvelden. Hier laat Helmut ons aan het touw gaan. Ik sta tussen Timo en Heidi in en ik vraag of we 1 of twee touwgroepen gaan maken. Intussen heeft Jitske het touw bij Rudy al gepakt en is al begonnen met afbossen. We gaan in 1 touwgroep geeft Helmut aan. Daarnaast zal hij als tweede man gaan lopen. Timo blijft voorop. Terwijl Helmut met Timo aan het overleggen is over de te lopen route help ik Jitske met het touw en begin knopen te leggen. Ik geef Timo de voorkant en verbind me zelf als derde man aan het touw. Jitske knoopt zich achter mij vast. Martijn wil vandaag als laatste lopen. Ik geef Helmut de tweede knoop en geef aan dat we er klaar voor zijn.


Aan de ligging van de blokken kun je het zuiden vinden.


Timo en Heidi voorop op de gletsjer


Ook vandaag geen vuiltje aan de lucht

Eenmaal op het sneeuwveld gaat het tempo er enorm uit. Timo moet zoeken waar de spleten zijn en hij prikt met zijn pickel waar het ijs onder de sneeuw zit. Stapje voor stapje maken we hoogte en zo af en toe zien we weer ijs door de sneeuw komen. Waar we op het ijs kunnen staan is het natuurlijk goed, maar soms zit er niks anders op dan toch een stukje over de sneeuw te gaan.
Ik zie Timo een stukje voor me in de sneeuw prikken met zijn pickel. Helmut kijkt toe op een stuk gletsjer-ijs. Dan kom ik tot de conclusie dat ik ook op sneeuw sta. Ik besluit om eens te kijken of ik ook wat kan voelen met mijn pickel. Ik leun naar links en merk dat de schacht helemaal in de sneeuw verdwijnt zonder ijs te voelen. Ik probeer het nog een stukje verderop en dan zo ineens zakt de sneeuw onder mijn voeten uit. "Oh shit": roep ik nog voor me uit.
Te laat ik zak een meter weg, lijk dan tot stilstand te komen, maar ook de volgende sneeuwlaag begeeft het onder mijn stijgijzers. In paniek probeer ik mijn ijsbijl in het ijs voor me te krijgen. dat lukt niet het ijs is te hard en de punt pakt niks. "Oh shit", schiet nogmaals door mijn hoofd. Ik ram uit alle macht mijn rechter stijgijzer in het ijs die pakt gelukkig. "Yes" gevolgd door "Oh fuck" ik hang nu op de kop. Het gewicht van mijn rugzak heeft me uit balans gebracht.
Ik hang eindelijk stil in het touw. Ik kijk om me heen en probeer de situatie zo rationeel mogelijk in te schatten. Ik trek mijn stijgijzer uit het ijs zodat ik weer rechtop kan hangen. Ik kijk naar beneden de diepte in. Dit is een A-spleet, dat is duidelijk. Ik kan niet zien hoe diep het is. Het is donker. Het is ook snel koud aan het worden. Er is veel sneeuw op me terecht gekomen. Ik schud wat van me af en begin dan naarstig met het prusik-touw te werken. Ik krijg de lus niet voor elkaar die ik wil hebben zodat ik in het touw kan staan. Nog maar een keer proberen. Probeer rustig te blijven Marco, dan lukt het wel Anders doen we het wel zonder de extra lus. Dat kan ook wel.
"Alles OK Marco?", vraagt Helmut. "Ja alles OK" geef ik terug. Ik zie Helmuts gezicht over de rand. "Geen pijn gedaan" vraagt Helmut in zijn beste nederlands. "Nee natuurlijk niet antwoord ik. Het is alleen een beetje koud geworden hier." zeg ik glimlachend. "We trekken je er zo uit, laat dat prusik-touw maar zitten", krijg ik te horen. Als de sneeuw op de rand is weggehaald door Helmut, verteld hij de rest van de groep wat ze moeten doen. Ik hoor "Eins, zwei, drei" en ik schiet een meter omhoog. En nog een keer en weer een meter erbij. Ik probeer nu met mijn stijgijzers achter ook af te zetten. ER wordt nog een keer getrokken en ik ben weer boven het ijs. Ik probeer uit de spleet te klimmen, maar de rugzak beperkt me in mijn bewegingsvrijheid. Ik laat me op mijn zij rollen en dan ben ik uit de spleet. Ik sta snel op en probeer alle sneeuw van me af te kloppen.
De warmte van de zon doet met goed. Ik bedank de groep voor de reddingsactie en we kunnen verder met de tocht.


Aan het touw over het sneeuwveld.


Martijn: "Waarom staan we nou weer stil?"


Zoek de gletsjerspleten

Het eerste half uur lopen na mijn val in de spleet sta ik nog stijf van de adrenaline. Daarna begin ik toch wel erg moe te worden. Ik vraag Helmut wanneer we gaan pauzeren. Als we bovenop de zadel zijn is het antwoord. In de tussentijd heb ik gezien dat ik flink aan het bloeden ben aan mijn linkerhand. Het is maar een kleine snee, maar door de inspanning is mijn bloed zo dun dat het van mijn wijsvinger afdruipt. "Moet je een pleister?" vraagt Jitske.
Eenmaal op de zadel kunnen we de gordels en stijgijzers afdoen. Hier blijven we wat langer pauzeren. We drinken het meegenomen water, en genieten van de lunchpakketten die we meegekregen hebben vanuit de hut. Dat was een goed idee, voor een handvol euro's krijg je vier plakken brood, een appel en droge chocolade-wafels. Een kritische hollander zou dat veel te duur vinden, maar het smaakt nu zo goed. En na mijn uitstapje in de A-spleet snakte mijn lichaam naar voedingsstoffen. Eindelijk even rusten en de honger stillen.
We kijken naar de andere touwgroepen die voorbij komen. In de tussentijd complimenteert Helmut ons met de manier waarop we met zijn allen om zijn gegaan met mijn spleet-incident. Het was goed van je dat je niet in paniek bent geraakt Marco.
Aan de buitenkant mag dat dan wel het geval zijn, maar in mijn hoofd waren er wel een aantal stoppen doorgeslagen bedenk ik me. Verder heeft de groep ook echt als een groep gehandeld. Het komt toch zeer regelmatig voor dat dat niet het geval is. En dan is het toch een klein drama om iemand uit de spleet te werken verzekerd Helmut ons. Hij zal ons na de geplande spleetreddings-oefeningen die nu op het programma staan er nog iets meer over vertellen.


De zadel (Ochsenscharte) waar we eindelijk pauze kunnen houden.


Mwwhuwheuwhemmm? Vind jij die chocoladewafels ook zo droog?


Hier keken Jitske en Marco naar, een andere touwgroep in de sneeuw.

Tijdens het lunchen zien we een man in zijn eentje over het sneeuwveld lopen. Ik kijk Helmut verbaasd aan op het moment dat de man gepasseerd is. Ik vraag is dat normaal? Helmut schud weemoedig zijn hoofd. Dat is natuurlijk het stomste wat je kan doen in deze omgeving. Zo in je eentje op pad zijn. Helmut kijkt me serieus aan. Marco wat jou vandaag is overkomen, kan mij ook overkomen. Maar toch snap ik het niet. we stonden allebei op dezelfde plek Helmut heeft er gestaan en vijf minuten later stort ik op dezelfde plek door de sneeuw. Helmut geeft aan dat ik misschien mijn gewicht niet goed verdeeld had op het moment van vallen. Hij richt zich tot de groep. Op het moment dat je vermoed dat de sneeuw instabiel is, moet je er altijd voor zorgen dat je je voet zo recht mogelijk neerzet. Dus niet eerst met je hak of met je voorvoet. Nee, in een keer plaatsen. Dat maakt echt een wereld van verschil.
Ik geef aan dat ik het nu snap. Het is juist het "zoeken" in de sneeuw wat me "fataal" is geworden. Door naast me te prikken ben ik met meer gewicht op mijn linkerbeen gaan staan. En dat was net teveel.

Weer terug naar de einzelganger op de sneeuwschoenen geeft Helmut aan dat ook hij een een spleet zou kunnen vallen en dan zelfs met al zijn extra tereinkennis zou hij met een satelliettelefoon exacte instructies kunnen geven aan de reddingsdiensten, maar we moeten niet vergeten dat het minstens 20 minuten duurt voordat een reddingshelikopter onderweg is. Daarna is het nog maar hopen of ze je kunnen vinden in dit landschap. Dus in je eentje onderweg hier is totale waanzin.

Terug naar de orde van de dag. We moeten onze spullen aantrekken en daarnaast ook onze handschoenen en de regenkleding die we meegenomen hebben. We gaan spleetreddingen oefenen. Helmut grapt nog even dat we dit onderdeel wel over kunnen slaan omdat we dat per slot van rekening al in een echte situatie hebben gedaan. Daarna legt hij samen met Timo als last de handelingen uit die een touwgroep moet uitvoeren om de voorste man uit een spleet te redden. Daarna zijn wij zelf aan de beurt. We houden onze gisteren gevormde touwgroepen aan: Martijn met Heidi en Timo. En Rudy en Jitske samen met mij. Daarna gaan we aan de slag.
Helmut heeft twee afgronden voor ons gemaakt. Wij hebben besloten dat we Jitske gaan redden. Rudy gaat de redding leiden en wil eerst alle stappen nog even doornemen. In de andere groep gaat Timo gered worden door Martijn. Ik zie hoe Timo op de rand van de afgrond gaat zitten en zich dan over de rand laat glijden. Ik zie Martijn met een ruk naar voren schieten en Heidi vliegt er achteraan. Beiden proberen uit alle macht te remmen in in mijn gedachten zie ik ze alledrie over de rand schieten. Tww meter voor de rand hebben Heidi en Martijn de zaak tot stilstand weten te brengen. Mijn god 8 meter tussen 1 en 2 dat betekend dat Timo 6 meter naar beneden is gedonderd!
Helmut controleerd of alles goed is met Timo en laat Martijn en Heidi dan aan de reddingsactie beginnen. Hij drukt ons nog eens extra op het hart om niet te springen en even iets te zeggen op het moment dat je over de rand glijd. Ik bijt Rudy toe dat we scherp moeten zijn en dat we Jitske niet zo ver moeten laten schieten. Ik ben bang dat we haar niet kunnen houden als ze eenmaal op snelheid is. Gelukkig denkt Rudy er net zo over en zakt Jitske niet verder dan 2 meter de afgrond in.


De redding uitgelegd door Helmut.

Als we eenmaal zelf aan het knopen zijn wordt Rudy en mij duidelijk dat het toch wel veel handelingen zijn en dat Helmut het wel verdacht eenvoudig en simpel er uit heeft laten zien. Als Rudy eindelijk de kracht van het touw overgebracht heeft naar zijn pickel kom ik bij hem staan. Nu kunnen we in ieder geval weer wat gemakkelijker overleggen. Even later staat Rudy gezekerd aan de rand met Jitske te overleggen. Ik zorg ervoor dat de pickel in de sneeuw gestoken blijft. Rudy is met Jitske aan het overleggen terwijl de einzelganger op zijn sneeuwschoenen weer naar ons is toegekomen. Hij kijkt met een glimlach op zijn gezicht naar wat we allemaal aan het doen zijn. Na tien minuten loopt hij vrolijk fluitend waar naar waar hij vandaan kwam.
Tijdens het omhoog takelen van Jitske snijd het touw dieper en dieper in de sneeuw zonder dat Jitske extra hoogte kan maken. Jitske en Timo zijn nu even ver omhoog gekomen. Beiden hebben hun hoofd over de rand, maar het lichaam komt niet verder. Als we eenmaal mijn pickel onder het touw aan de rand gelegd hebben, loopt het touw in ieder geval niet meer verder weg. Bij Timo is dat de sleutel tot een succesvolle redding. Timo sleurt zich aan de pickel over de rand en staat dan samen bij Martijn en Heidi om alle knopen weer uit de touwen te krijgen.
Rudi en ik zijn beiden kapot. We krijgen Jitske niet verder. Helmut stroopt zijn mouwen op en helpt ons. Na drie keer trekken hebben we Jitske ook over rand gekregen. Zweet gutst van Rudy's en mijn gezicht af en allebei hijgen we als paarden die uren achtereen gegallopeerd hebben.

Daarna is het de buurt aan Rudy om gered te worden. Dat mag ik dan doen. Jitske en Rudy vinden wel dat we wat meer naar rechts moeten omdat Rudy anders in een enorme overhang komt te hangen en we waarschijnlijk in dezelfde situatie als met Jitske terecht komen. Niet veel later schuiven Rudy en Martijn bijna tegelijkertijd over de rand. Als ik Rudy eenmaal aan mijn pickel heb hangen gaat het een en ander wat sneller. Doordat ik hardop met Rudy alle knopen al een paar keer heb door kunnen nemen loopt het gewoon wat vlotter. Rudy blijkt gewoon sneeuw onder zijn voeten te hebben en Jitske en ik hebben hem ook zo over de rand getrokken. Martijn wordt uiteindelijk ook succesvol door Heidi gered en dan is het de beurt aan Heidi en mij om gered te worden.
Eigenwijs als ik ben en opgehitst door Martijn loop ik wat naar links om over de rand te gaan Rudy en Jitske roepen me nog iets na over overhang en sneeuwdak en ellende bij redden. Mijn hartslag gaat wat omhoog als ik op de rand zit en laat me dan glijden. 3 meter lager hang ik stil. Ik had mijn regenoverall toch wel wat beter dicht mogen doen want ik heb weer sneeuw in mijn nek gekregen en dat is nu ook over mijn rug aan het lopen. Met een gil gaat ook Heidi over de rand. Heidi komt 2 meter onder mij tot stilstand. "Valt mee toch?", vraag ik haar.

Rudy en Jitske hadden wel gelijk de overhang is zo ver dat ik niks met mijn voeten voor me kan. Ik kan nog wel staan op een hoop sneeuw onder me, maar tijdens de redding kan ik niks met mijn voeten bedenk ik me. Terwijl ik aan het wachten ben zak ik verder en verder naar benden. "Hee hallo gaat alles goed daarboven? Wat zijn jullie allemaal aan het doen?" Even later komt Jitske's hoofd over de rand: "Alles goed Marco? We zijn nog even bezig hoor!" Ik bedenk me dat dit niet de beste manier is om iemand die gered moet worden vertrouwen te geven.
Uiteindelijk gooit Jitske me het touw met een karabiner toe waarmee we de takel gaan maken. Ik geef aan dat wanneer ze zover zijn ze eerst even een seintje moeten geven en niet direct moeten gaan trekken. Ik heb nog wat ideetjes die ik uit wil proberen. Als ze wat later zover zijn geef ik aan dat Rudy zich klaar moet houden, ik spring zo hard ik kan omhoog en daarmee kunnen we denk ik wel een halve meter overbruggen wat niet getakeld hoeft te worden. Tel maar even af Jitske.
"OK, 3, 2, 1 nu!" ik zet zo hard af als ik kan. De halve meter is het niet geworden. Maar goed. Ik hang nu wel helemaal vrij. en kan nu niks meer. Na twee keer trekken ben ik weer aan de rand. "Marco, kun je bij de pickel?" vraagt Jitste. Ik voel over de rand en vind met mijn rechterhand de pickel. Terwijl Rudy en Jitske nog aan mij aan het trekken zijn heb ik nu met twee handen de liggende ijsbijl vast. "Stop even met trekken jongens" geef ik aan. Als ik stil hang zwaai ik mijn linkerbeen over de rand en rol. Ik laat mijn stijgijzers met mijn hak in de sneew grijpen. Ik rol mijn lichaam over de lengte over de rand. en ik ben gered. Vandaag al voor de tweede keer. :-)

Na alle reddingen leren we nog hoe we van de pickel een zogenaamde Totenman kunnen maken. Die moeten we vervolgens zelf maken en testen. De Totenman van Rudy wordt extra getest door Timo, Martijn en mij als Rudy met wat provisorische en vooral nieuwe knopen er een anker van gemaakt heeft. En daarna pakken we onze spullen op en lopen naar de Wiesbadener hutte. Als we de sneeuw verlaten en de stijgijzers af kunnen doen krijg ik weer wat last van mijn knie. Maar ook nu verbijt ik me door de pijn en probeer een goed ritme aan te houden. De lange dag begint zijn tol te eisen. Ook vandaag gaan we de middagsoep niet meer halen. Het is een flinke wandeling en het valt me vies tegen. Ik ben blij als we eenmaal bij de hut zijn en de schoenen uit kunnen en de zware rugzak af mag.
Na het inchecken, slepen we met zijn allen onze spullen naar onze slaapkamer. We verdelen de bedden en gaan dan buiten in de zon genieten van een drankje totdat het eten klaar is.



Op naar de hut.


Nog even relaxen in de avondzon.

Na het avondeten, zitten we nog even samen met Helmut en bespreken we het dagprogramma voor morgen. We hebben de keuze: we kunnen naar de Piz Buin of we kunnen naaar de Silvrettahorn. De Piz Buin is wel wat hoger, maar de Silvrettahorn is technisch wat uitdagender. Maar waarschijnlijk hebben we morgen niks aan de extra hoogte omdat er mist en bewolking voorspeld wordt. Dus echt ver kijken zal er niet in zitten. Daarnaast zit de hele hut vol met wandelaars die waarschijnlijk morgen allemaal de toeristische route naar de Piz Buin gaan nemen. Dus het zal er morgen wel druk zijn.
Voor mij maakt het allemaal niet uit, toen Helmut technischer riep was ik al verkocht. Gelukkig voor mij denkt de rest er ook zo over. Het is besloten, morgen gaan we naar de Silvrettahorn.

We maken het vanavond niet echt laat. Als het buiten te koud is om te blijven zitten, drinken we binnen nog een kop thee en gaan dan naar bed. Iedereen is doodop van de zware dag. In de slaapkamer is het een beetje behelpen. Het is allemaal wat krapper dan in de Jamtalhütte. Daarnaast wil het raam niet uit zichzelf opgen blijven omdat er iets mis is met de scharnieren. Als Martijn het raam opgen geknoopt heeft met een prusiktouw komt iedereen tot rust en kan het slapen beginnen. Morgen weer een mooie dag voor de boeg.


De monsterroute van vandaag: Vanuit de Jamtalhütte over de Jamgletsjer naar de Ochsenscharte. Daarna via de Vermuntgletsjer naar de Wiesbadenerhütte.
Dinsdag Start Pagina Donderdag