Sneller met kleinere motorfietsen.

Na het gebruikelijke ochtendritueel (koffie, ontbijt en opbreken) zijn we al weer vlot onderweg. Na het verlaten van de camping rechtsaf in de richting van het restaurantje van gisteravond. De weg die we volgen kronkelt omhoog en omlaag. En na een tijdje wordt de weg steeds smaller en smaller. Het tempo is intussen ook wat omhoog gegaan. Siemen en Aad komen steeds beter in hun vel te zitten en de rest weet ook nog zeer goed te volgen.
Siemen's off-road aspiraties brengen ons dit keer op een klein asfalt weggetje die bezaait ligt met grind, zand, takken en allerande andere rotzooi. Met veel moeite weet ik de verradelijk gladde hair-pins te ronden met mijn veel te zware superbike. Ik ben hier echt op dit terein in het nadeel. Door goed door de bocht te kijken en mijn lijnen zorgvuldig te kiezen weet ik de groep bij te houden. Ik hoop echter wel dat er geen auto van boven naar beneden moet komen. Want dan hebben we met zijn allen wel een probleem. Het tempo ligt hoog genoeg om me geen zorgen te maken voor auto's die van beneden naar boven scheuren.
Zo af en toe voel ik hoe mijn achterwiel bij het uitkomen van een hair-pin naar grip aan het zoeken is. Het is maar goed dat er niemand direct achter me rijd. Ikzelf zorg ook voor een gepaste afstand. Arjo rijd voor me en ik zie hoe zo af en toe zijn achterwiel het grind een nieuwe bestemming geeft.
Eenmaal boven aangekomen zet Siemen de motorfiets aan de kant. Maarten is al weer driftig op zoek naar zijn brandertje. Als het stof wat we opgegooid hebben een beetje is gaan liggen, maak ik wat foto's van deze geweldige picknick-spot.


Klaar voor de picknick af...

Tijdens de koffie en de broodjes worden diverse onderwerpen aangesneden. Darwin's evolutieleer, de waarde van DNA-tests wordt ter discussie gesteld, diverse anatomische kwesties komen aan de orde, theologische stellingen worden verdedigd. Al met al luchtige gesprekken ter bevordering van de spijsvertering.


Hey wat moet dat met die motorfiets?

Eenmaal bij de poolse grens aangekomen moet Siemen een aantal keren een rondje maken om de richting goed te kunnen bepalen. Net zoals een postduif dat ook doet. Maarten en ik maken gebruik van de situatie om de sprint-test van vorig jaar nog eens voorzichtig over te doen. Als ik de motorfiets bij de 110 km/h in de tweede versnelling gooi zie ik in mijn spiegel dat Maarten het al opgegeven heeft. Zijn rijdend bankstel vangt in deze configuratie teveel wind om dat blauwe hoopje plastic bij te kunnen houden.
Als we voor de tweede keer het dorpje in rijden besluit Siemen dat het eerst eens tijd is voor een ijsje en wat brandstof.
We hebben flink wat aandacht getrokken en vooral ook mijn motorfiets roept tot de verbeelding. De felle kleuren en de teller die tot 300 km/h gaat maakt iets los bij de puber die maar niet bij mijn motorfiets is weg te slaan.
Uiteindelijk komt het hoge woord er uit. Of hij een keer op de foto mag met mijn motorfiets. Stilzwijgend knik ik goedkeurend. Ik pak mijn helm van de spiegel en maak wat ruimte. Gebaar dat de jongen wel aan de linkerkant van de motorfiets kan staan voor de foto. Als moederlief twee of drie keer geknipt heeft met de camera is de jongen dolgelukkig. Ik hang mijn helm weer terug en blijf voor de zekerheid toch maar een beetje in de buurt van de motorfietsen terwijl Aad Arjo en Siemen de ijsjes voor ons regelen. Het gezin wat de foto's gemaakt heeft blijft ook een beetje rondhangen. Blijkbaar willen ze ons wel eens zien vertrekken als we de ijsjes ophebben. Een groep Hell's Angels trekkend van stad naar stad. Maar dan anders!
Als het ijs op is en Siemen aangegeven heeft dat het tankstation om de hoek is, zwaai ik mijn been over het zadel van mijn trouwe ros. Als Siemen, Aad en Arjo voor me langs schieten start ik de motorfiets met een klein beetje gas. Dankzij de 35 graden komt het blok met een agressieve knal tot leven. Het meisje rechts van me verstijfd van schrik. Ik knik nog een keer vriendelijk naar de jongen van de foto links van me en rijd met flink wat gas voor Maarten langs richting het tankstation. Daar doet Maarten me nog een keer voor hoe het meisje was geschrokken van de back-fire uit mijn uitlaat tijdens het starten.
Na het tanken heeft Siemen de afslag gevonden die hij zocht en zijn we onderweg naar de volgende camping. Ook nu weer is deze camping rond een uur of vier bereikt. Het weer was ook vandaag weer erg goed en het tempo lag weer een stuk hoger dan gisteren. We zitten inmiddels in Vbrno op de camping wat in de buurt van Jesenik schijnt te liggen. Terwijl Arjo en ik de route van vandaag op de kaart na proberen te pluizen gaan Siemen en Maarten nog op onderzoek uit in de omgeving.


Weer een camping zonder problemen bereikt.


Met Pivot meer mans.


Where the *u** are we?

Als Aad en Arjo terug zijn van het bier heeft Aad al even geregeld dat ik straks op een van de pocket bikes rond mag gaan. Bij het binnenrijden van de camping had ik het baantje en de fietsjes al zien staan. Ik ben wel voor. Maar laten we wel wachten totdat de rest er is.
Siemen is nog druk bezig met de campingbeheerder, maar als Maarten eenmaal zijn spijkerbroek aan heeft, dan moet het toch maar gebeuren. Ik heb me in mijn leren pak gehesen en voor omgerekend twee euro mag ik me 6 minuten helemaal in het zweet werken. Nadat de dwerg betaalt heeft, wordt Aad Ad Kievit (bekende circuitfotograaf) en posteerd zich bij de eerste hairpin op de baan.
Onwennig begin ik aan mijn eerste rondjes. Aan het einde van het rechte stuk kom ik er achter dat de voorrem het niet zo goed doet en dat ik dankzij de zit niet kan insturen. Mijn knieen duwen mijn ellebogen naar buiten en ik krijg de draai niet. Door snel te staan en het fietsje van de grond te trekken weet ik een confrontatie met de struiken achter de baan te voorkomen.
Dan toch maar ietsje verder achter op het kuipwerk gaan zitten. Ja dat zit wel een stuk beter. Eenmaal het rechte stuk op is het spelen voorbij nu gaan we een rondetijd neer zetten. Ik zie mezelf al staan op het ereschavot naast een aantal Tsjechische pitspoezen. Ik draai de gaskraan vol open en wordt enorm verrast. Dankzij mijn nieuwe zitpositie besluit het voorwieltje het luchtruim te kiezen. Direct gaat de gaskraan weer dicht en nog net op tijd weet ik de bocht in te sturen aan het einde van het rechte stuk.
Het randje van de ene asfalt laag naar de andere blijkt op snelheid toch ook voor verschillende problemen te zorgen. Er komt zoveel onrust in het fietsje dat de achterliggende chiquane met wat kunst en vliegwerk gehaald wordt.
Veel tijd om in het ritme van de baan te komen is er niet. In het vierde rondje voel ik hoe mijn linker laars in het asfalt hapt en ik achter het fietsje aangesleept wordt. Nadat ik weer overeind gekrabbelt ben stap ik onder luid gejoel en gejuich weer op. Het gaat daarna ietsje beter, maar ik ben toch wel zeer opgelucht als ik eenmaal afgevlagd wordt. Wat een inspanning heeft me dit gekost.
Ik ben toch blij dat ik mijn pak aangetrokken heb. Mijn laarsen zijn wel flink beschadigd. Als we wat foto's hebben gemaakt van de verschillende motorfietsjes laat de eigenaar mij zien dat hij vorige week ook lelijk onderuit is gegaan. Hij heeft nog flinke schrammen op zijn elleboog en knieen.
Ik stap bij Siemen achterop de motorfiets en laat me naar de tent rijden. Hier trek ik even wat anders aan en we lopen met zijn tweeen weer terug naar de ingang van de camping om daar wat te eten met de rest.


Geen richting aanwijzers?


Vroooaaar....


Aaaah eh fuck, fuck, fuck ik bedoel er reed een pure schoonheid voorbij!!!!


Schraap!


Blij dat ik niet meer rij.

Het eten is een heel stuk minder dan wat we van de dag ervoor gewend zijn. De kip schijnt nog wel in orde te zijn, maar de karbonaatjes die Arjo Aad en ik hebben zijn met moeite weg te krijgen. Dit is wel weer zo'n camping met het echte onvervalste Tsjechië gevoel. Aluminium bestek, plastic borden en het lijkt er op of de cola een soort van niet genoeg verdunde siroop is met een vervelende nasmaak. Doe dan maar sinasappelsap. Daar is niet zoveel aan te verprutsen volgens mij. Het bier is ook niet geheel geweldig. Dus als het idee opgevat wordt om straks even het dorp in te wandelen, wordt daar meteen mee ingestemd. In de hoop dat we daar wel iets smakelijkers kunnen vinden. We zouden er zo moeten zijn, want Siemen en maarten waren er ook in een paar minuten (op de motorfiets)


Soepie?


Kiep, kiep, kiep, kiep!


Geen kip da's duidelijk

De wandeling naar het dorp valt toch wel tegen. Maarten geeft toe dat ze op dat moment nog wel in het goede ritme van de dag waren en dat dit niet helemaal volgens de wettelijk geldende snelheidsbeperkingen was. Eenmaal in het dorp aangekomen drinken we op ons gemak wat totdat het cafeetje rond een uur of elf onder onze neus dicht gegooid wordt. De overige cafeetjes spreken ons niet zo aan dus wordt de tocht terug naar de camping maar weer ondernomen.
Op de terugweg weten we ons nog in te houden en laten het vrijende stelletje op het bankje ook nu maar weer met rust. Grinnikend kijken we elkaar aan en roepen hoofdschuddend no, no, no, no, no, no... Eenmaal bij onze tent aangekomen gaan de gesprekken over sport, kunst en kunde. Maarten en ik doen nog een wedstrijdje kikkerspringen. En ik experimenteer nog wat met sluitertijden en fotografie in het donker met een digitale camera.


Oat moan!


Bij nacht en ontij

Dag 3 Index 2004 Dag 5