
Met wat moeite weten we op de Autobahn te komen. Het is langdurig wachten bij de wegwerkzaamheden. Eenmaal op de Autobahn wordt het tijd om eens te kijken wat de motorfiets echt kan. Het duurt niet lang of Arjo knalt er vandoor. Aad bedenkt zich niet en gaat er direct achteraan. Het duurt niet lang voordat ik ze voorbij ben. De motor rijdt in no-time ver over de tweehonderd. Als we nog een sprint aanzetten besluit ik het gas er op te houden en niet bij de rest te blijven. In mijn spiegels zie ik nog hoe Arjo en Aad veranderen in kaboutertjes op mini-bikes.
Uiteindelijk heb ik de teller op de 260 km/h staan, nog even vasthouden de motor kan nog veel harder. Zelfs met Oxford Sportbags. Maar het gaat nu wel erg hard. Al die auto's lijken veel langzamer te gaan dan normaal. En waar komt die grijze waas vandaan. Als in een droom realiseer ik me dat het enorm hardt regent. Er slaat grote paniek toe in de bovenkamer. Dit is niet normaal. Ik rijd al erg hard voor droge omstandigheden. Ik onderdruk de neiging om in de remmen te knijpen. Uit laten rollen dat is het devies volgens mij. Geen Rare dingen doen nu. De auto's lijken nog steeds stil te staan als de motor intussen afzakt naar begrijpelijkere snelheden. Ik houdt de 120 km/h vast en zie hoe Arjo en Aad langszij komen. Onder Arjo's helm zie ik een grote grijns vandaan komen. Hij maakt een open-hand schuddend gebaar. Pfoeh! Ik weet het close call. Het duurt niet lang of de rest is er ook al weer bij. We besluiten even van de snelweg af te gaan om de regenpakken aan te doen. En dan gaan we weer verder.
Peter geeft aan dat hij eigenlijk moet tanken. Is goed we slaan bij het eerstedebeste tankstation af. Niet lang daarna rijdt Peter droog. Arjo en ik zien het gebeuren. De rest rijdt door. (Stelletje blinde kippen...) Ik stop naast Peter en geef hem de hevelslang. Nadat we wat brandstof uit mijn tank overgeheveld hebben rijden we weer verder. Na 5 minuten sta ik ook op reserve. En ondanks de 80 km/h komt Peter weer stil te staan. Ik sta op reserve en kan dus niks meer afgeven. Ik ben al blij als ik zelf het tankstation haal. Arjo hevelt wat over vanaf zijn tank. Als we weer onderweg zijn zie ik dat Arjo zijn motorfiets ook op reserve heeft lopen. Hmmm I think we're fucked! We weten gelukkig het tankstation nog te bereiken.

De rest van de rit verloopt voorspoedig. Rond een uur of zes komen we bij Hengelo de grens overzetten en rond een uur of 7 zit ik bij vrienden aan de koffie. Een beetje moe maar voldaan.